voeding 10: waarom eiwitten belangrijk zijn

**voeding 10: waarom eiwitten belangrijk zijn**

Ik schreef al eens eerder over eiwitten en herstel maar onderstaand artikel vat nog meer informatie samen.

Eiwitten zijn onmisbaar voor spieren, organen, zenuwstelsel en bloed. Deze factsheet gaat in op het belang van eiwitten voor de opbouw en het herstel van spieren door training. Tijdens lichamelijke inspanning ontstaat spierschade. Door voldoende eiwitten in te nemen (die het lichaam omzet in aminozuren), kan het lichaam spieren herstellen en opbouwen [2,5]. De mate waarin het lichaam spieren opbouwt hangt af van de soort training maar ook van de timing en de dosis van de eiwitinname [4].

HOEVEEL EIWITTEN MOET EEN ATLEET BINNENKRIJGEN?

Mannelijke topduuratleten en krachtsporters (bijvoorbeeld rugbyers en atleten die beginnen met krachttraining) zouden tussen de 1,4 en 1,7 gram per kilogram lichaamsgewicht per dag aan eiwitten binnen moeten krijgen [1,2]. Indien training niet gericht is op het verbeteren maar het onderhouden van spierkracht, is 1,0 tot 1,2 gram per kilogram lichaamsgewicht per dag voldoende [2]. Vrouwelijke atleten hebben genoeg aan ongeveer 15% minder eiwitten dan mannen [2].

Het innemen van meer dan 20 gram eiwit per maaltijd heeft geen zin. Het lichaam verbrandt het overschot aan eiwitten of slaat het op in de vorm van vet. Verspreid over de dag is een hogere eiwitinname echter wel mogelijk.

EIWITTEN IN VOEDSEL

Een normaal gevarieerd voedingspatroon volstaat voor atleten om aan hun dagelijkse hoeveelheid eiwitten te komen [1,5]. Naast de hoofdmaaltijden zal een atleet dan ook regelmatig een tussendoortje moeten eten dat rijk is aan eiwitten.

Er bestaan verschillen tussen dierlijke en plantaardige eiwitten. Tijdens het verteren van dierlijke eiwitten komen meer aminozuren vrij waardoor het lichaam meer voedingsstoffen heeft voor spieropbouw (koemelk is hier een voorbeeld van).

Enkele voorbeelden van dierlijke en plantaardige voedingsmiddelen die ongeveer 20 gram eiwitten bevatten [2]:

– 500 ml magere melk – 70 gram biefstuk (bereid gewicht) – 600 ml sojamelk – 400 gram magere yoghurt – 100 gram tonijn/ zalm uit blik – 240 gram tofu – 3 eieren (150 gram) – 80 gram kipfilet (bereid gewicht) – 120 gram gemengde noten – 300 gram kidneybonen / linzen

Vergeleken met plantaardige eiwitten, leveren dierlijke eiwitten meer en meestal snellere aminozuren voor spieropbouw [6]. Plantaardige eiwitten leveren minder aminozuren [4].

VEGETARIËRS/VEGANISTEN

Plantaardige eiwitten zijn minder goed te verteren waardoor minder aminozuren vrijkomen die de spieropbouw bevorderen [1,4]. Atleten die vegetarisch zijn krijgen meestal toch genoeg eiwitten binnen door inname van dierlijke eiwitten zoals melk en kaas. Veganisten krijgen alleen plantaardige eiwitten binnen waardoor de soorten ingenomen eiwitten beperkt zijn [1]. Veganisten zouden dan ook 10% meer plantaardige eiwitten in moeten nemen om aan de dagelijkse hoeveelheid eiwitten te komen [1].

EIWITTEN IN SUPPLEMENTEN OF POEDERS

Ondanks dat atleten bij een gezond voedingspatroon voldoende eiwitten binnen krijgen, zijn er situaties waarin de eiwitinname wellicht niet voldoende is. Te denken valt aan sporters die aan het lijnen zijn of wanneer een sporter zich in een omgeving bevindt waarin geen of te weinig eiwitrijke producten zijn. Eiwitten zijn dan in de vorm van supplementen of poeders in te nemen. Er bestaan verschillende supplementen en poeders met eiwitten. De kwaliteit van eiwitten uit supplementen of poeders zijn niet beter of slechter dan eiwitten uit gewone voeding. Supplementen en poeders bevatten vaak wei.

Supplementen en poeders kunnen echter bestanddelen bevatten die door de WADA verboden zijn. Deze bestanddelen staan niet altijd aangegeven op de verpakking [1]. Pas dus op met het gebruik van eiwitten in supplementen of poeders.

Veilige supplementen zijn te herkennen aan het NZVT-logo (Nederlands Zekerheidssysteem Voedingssupplementen Topsport. Het NZVT-logo op verpakkingen van supplementen is tot stand gekomen door een samenwerking van de NPN (Natuur- en GezondheidsProducten Nederland), NOC NSF en de Nederlandse dopingautoriteit.

WANNEER KAN EEN ATLEET HET BESTE EIWITTEN INNEMEN?

Voor de training
Voor de training kan iets gegeten worden waar maximaal 20 gram eiwit in zit [1].

Tijdens de training
Tijdens de training is eiwitinname niet zo belangrijk. Het aanvullen van vocht en koolhydraten is dan veel belangrijker.

Na de training
De spieropbouw is maximaal gestimuleerd na (kracht)training. Juist dan is de inname van eiwitten belangrijk. Koemelk en wei zijn producten die het lichaam het beste voorziet van eiwitten [4]. De opname van eiwitten verloopt sneller door eiwitten met koolhydraten in te nemen [2]. Koolhydraten zorgen bovendien voor een extra snel herstel van de glycogeenvoorraad. Deze voorraad is nodig om tijdens een snel opvolgende training of na een zware en belastende training voldoende energie te hebben om goed te kunnen presteren.

Voorbeelden van eiwitten met koolhydraten zijn [2]:

– Gezoete yoghurt (geen light, mager mag wel) – Fruit smoothies – Melk met een smaakje (geen light, mager mag wel) – Brood met vlees, kip of pindakaas

Het herstel verloopt beter wanneer het lichaam niet alleen direct na de inspanning voldoende eiwitten binnen krijgt, maar ook in de uren erna. De opname van aminozuren door spieren blijft namelijk ongeveer 24 uur verhoogd [2,4,5]. Voor een optimaal effect kan een sporter elke drie uur 20 gram eiwit innemen [3]. Het nachtelijk herstel en spieropbouw is te bevorderen door het innemen van 40 gram eiwitten voor het slapen gaan [6]. Onduidelijk is nog of dit effect er ook is bij een inname van 20 gram eiwitten of dat de regulatie van eiwitafbraak en spieropbouw ’s nachts anders is.

BIJ BLESSURES

Ontstekingsremmers als ibuprofen, diclofenac, aspirine, etc. remmen de spieropbouw na inspanning [7]. Daarom is enige voorzichtigheid met ontstekingsremmers geboden. Ditzelfde geldt voor alcohol.

TOT SLOT

Het schatten van de eiwit- en energiebehoefte is complex waardoor het raadzaam is de hulp van een sportdiëtist in te roepen om de juiste hoeveelheid individuele eiwitinname te bepalen. Het team Voeding van NOC*NSF kan hulp bieden of een SCAS gecertificeerde sportdiëtist aangesloten bij de VSN.

Dit artikel is opgenomen in de reeks artikelen op de review site met artikelen

__________

[1] American Dietetic Association, Dietitians of Canada, American College of Sports Medicine, Rodriquez NR, Di Marco NM, Langley S (2009) American college of sports medicine position stand. Nutrition and athletic performance. Med. Sci. Sports Exerc., 41: 709-731
[2] AIS Sports Nutrition (2009) Protein. www.ausport.gov.au/ais/nutrition/factsheets
[3] Moore DR, Areta J, Coffey VG, Stellingwerff T, Phillips SM, Burke LM, Cleroux M, Godin J-P, Hawley JA (2012) Daytime pattern of post-exercise protein intake affects whole-body protein turnover in resistance-trained males. Nutr. Metab., 9: 91-95
[4] Churchward-Venne TA, Burd NA, Phillips SM (2012) Nutritional regulation of muscle protein synthesis with resistance exercise: strategies to enhance anabolism. Nutr. Metab., 9: 40-47
[5] Maughan RJ, Shirreffs SM (2012) Plenary lecture 2 Nutrition for sports performance: issues and opportunities Proceedings of the Nutrition Society, 71: 112-119
[6] Res PT, Groen B, Pennings B, Beelen M, Wallis GA, Gijsen AP, Senden JMG, van Loon LJC (2012) Protein ingestion before sleep improves postexercise overnight recovery. Med. Sci. Sports Exerc., 44: 1560-1569
[7] Trappe TA, White F, Lambert CP, Cesar D, Hellerstein M, Evans WJ (2002) Effect of ibuprofen and acetaminophen on postexercise muscle protein synthesis. Am. J. Physiol. Endocrinol. Metab., 282: E551-556

uit: Topsport Topics in samenwerking met NOC*NSF

02.04.2013 – hitland – 8 km

**02.04.2013 – hitland – 8 km**

Lastig rondje, geen idee waarom. Je vertrekt met het idee dat het rustig ‘moet’ vanwege zondag, maar dan sluipt toch aan het einde het tempo erin. Op de heenweg last van de koude wind, terug was het lekker, weer op het warme af. Om een of andere reden geen echt lekker loopje, hoewel ik over het onverharde stuk heerlijk rustig heb gehobbeld en tevreden was. Maar ik moet nog even de juiste mindset weten te vinden denk ik voor het komend weekend.

Gegevens:

* totaal 8 km
* temp 0, zonnig

april 8 km – 2013 totaal 548 km

artikelen: geen betere hardloopprestaties door compressiekleding

**artikelen: geen betere hardloopprestaties door compressiekleding**

Faulkner JA, Gleadon D, McLaren J, Jakeman JR (2013) Effect of lower-limb compression clothing on 400-m sprint performance. J. Str. Cond. Res., 27: 669-676

Atleten lopen de 400 m niet sneller door het dragen van compressiebroeken/kousen. Deze kleding heeft ook geen effect op de ervaren pijn direct na het lopen. Dit blijkt uit onderzoek van sportwetenschapper Faulkner en collega’s.

Veel atleten dragen compressiekleding, meestal in de vorm van kousen en broeken. Dit doen zij om sneller te herstellen, de doorbloeding te stimuleren tijdens lange vluchten en/of omdat zij in de veronderstelling zijn dat het dragen van deze kousen kan leiden tot prestatieverbetering. Faulkner en collega’s hebben met dit onderzoek het laatste fenomeen willen bestuderen. Zij vroegen zich af wat het effect is van het dragen van compressiekleding op een wedstrijdprestatie. Dus niet in laboratoriumsetting of een volhoudtest (wat veel voorkomt), maar door middenlange afstandlopers 400 m te laten lopen op een atletiekbaan.

Elf mannen van gemiddeld 24 jaar en een gemiddelde beste seizoenprestatie in 2011 van 53,94 sec op de 400 m hebben 6 keer een 400 m gelopen. In wisselende volgorde liepen zij 2 keer zonder compressiekousen, 2 keer met een compressiebroek met lange pijpen van enkel tot aan de heup (lange tight) en 2 keer met een compressiebroek met korte pijpen (korte tight) in combinatie met compressiekousen (enkel tot knie). Onder andere de gelopen tijd op de 400 m, de concentratie lactaat in het bloed en de zelfervaren vermoeidheid en pijn zijn gemeten. Zowel de gelopen tijd op de 400 m (+/- 58 sec), als de concentratie lactaat in het bloed 4 minuten na de finish (rond de 12 mmol/L) en de ervaren pijn direct na het lopen (gemiddeld 5 op een schaal van 10 op de VAS-score) was gelijk tussen de 3 condities. Faulkner en collega’s stellen dat er een significant effect is op de zelf ervaren vermoeidheid. De BORG-schaalscores (scores tussen 6-20) zijn respectievelijk gemiddeld 14, 13,8 en 13,4 voor het lopen zonder compressiekleding, met een lange broek en met de combinatie van broek en kousen.

Uit dit onderzoek van Faulkner en collega’s komt duidelijk naar voren dat het dragen van compressiebroeken/kousen niet leidt tot sportspecifieke prestatieverbetering. Opvallend is dat een van de auteurs (McLaren) betrokken is bij de handel in compressiekleding en dat ondanks de tegenvallende resultaten het onderzoek toch is gepubliceerd, iets wat niet altijd gebeurt. De conclusie die Faulkner en collega’s trekken dat de zelfervaren vermoeidheid significant verschilt is op z’n minst opvallend. De beschrijving van de gebruikte statistiek is nogal onduidelijk. Ook lijken deze kleine verschillen niet relevant voor de sport. Verder is de vraag welk verschil de onderzoekers verwachten te vinden tussen het dragen van een compressiebroek met lange pijpen en een compressiebroek met korte pijpen in combinatie met compressiekousen. Dit lijkt praktisch gezien erg veel op elkaar.

Ondanks deze vraagtekens is het duidelijk dat een atleet geen compressiebroeken/kousen hoeft aan te trekken om harder te lopen. Deze conclusie ligt ook in lijn met eerder uitgevoerd onderzoek naar de effecten van compressiekleding op sportspecifieke prestatie [1] en komt overeen met een eerder samengevatte studie van Topsport Topics.

T.H. (Herman) IJzerman

__________

[1] Born DP, Sperlich B, Holmberg HC (2013) Bringing light into the dark: effects of compression clothing on performance and recovery.Int. J. Sports Physiol. Perf., 8: 4-18

reviews van compressie kousen vind je hier

31.03.2013 – hitland – 7,5 km

**31.03.2013 – hitland – 7,5 km**

Niet veel bijzonders te melden eigenlijk. Lekker loopje, was zo voorbij, jammer dat ik niet wat langer kon lopen maar in de laatste week dan maar wat rustiger aan. Geen BB gehoord of gespot maar het is ook veel te koud voor de tijd van het jaar. Overigens is de zon warmer dan ik dacht, want ik had het gewoon warm op de terugweg! Nog steeds geen idee hoe ik de HM ga aanpakken maar ik neem aan dat ik dat de komende week nog wel ga uitvogelen. Ik zie in ieder geval wel grappige veranderingen en verbeteringen de laatste weken. Alles heeft dus echt gewoon tijd nodig. Veel tijd. Ik sukkel intussen gewoon rustig voort.

Gegevens:

* totaal 7,5 km
* temp 0, zonnig

mrt 167 km – 2013 totaal 542 km

29.03.2013 – assignment 28: 10,5 km

**29.03.2013 – assignment 28: 10,5 km**

Vandaag de laatste assignment voor volgende week. Assignment 29 is immers de HM in Berlijn. Maar hoe ik die nu ga lopen, is mij vooralsnog een volkomen raadsel. Ik heb vandaag allerlei dingen geprobeerd. Geen idee, ik zal komende training nog een klein stukje proberen, want het snelheidswerk moet er inmiddels wel een beetje uit met het oog op volgende week. Maar voorlopig weet ik dus eigenlijk nog steeds niet hoe ik de HM wil aanpakken. De marathon is geen probleem en zie ik met vertrouwen tegemoet qua tempo en training. Maar volgende week….. Nou ja we zullen zien. Overigens was het heerlijk weer en genoot ik volop van alle vogels op de plas van de Rottemeren. Op naar de volgende ronde dan maar.

Gegevens:

* totaal 10,5 km
* temp 0, zonnig
* HR niet gemeten

mrt 159 km – 2013 totaal 534 km

27.03.2013 – hitland – 8 km

**27.03.2013 – hitland – 8 km**

Vandaag maar weer een rondje gelopen. Hoewel het nog steeds koud is voor de tijd van het jaar, is het vandaag een stralende dag met een strakblauwe lucht en een zonnetje. De oostenwind is een stuk minder dan afgelopen weekend en daardoor voelt het ook redelijk aangenaam. Ik ben erg benieuwd wat het weer de komende toen dagen gaat doen, want Berlijn kan nu eigenlijk van alles worden. Sneeuw? Koud? Of toch ineens zonnig en warm? Ik zal het moeten afwachten. Zeker is wel dat ik slechts 1 training heb gedaan met ‘warm’ weer, namelijk de MM van enkele weken geleden. Verder alleen getraind met koud tot zeer koud weer en dat is jammer.

Hoewel mijn staartbeen en zitbeen nog steeds erg pijnlijk is, is lopen wel toegestaan en kan het verder weinig ‘kwaad’. Ongelooflijk slechte timing om zo te vallen tijdens een wandeling. Vervelend is het wel, maar aan de andere kant dwingt het me om goed op mijn loophouding te letten en vooral niet te ‘bonken’ bij het landen. De metronoom doet ook weer goede diensten. Ik moet maar kijken hoe het allemaal nog verbetert de komende 10 dagen. Aan de ene kant is dat nog een ‘hele tijd’, aan de andere kant is het veel te snel. Ook hier geldt weer dat ik maar gewoon moet afwachten. Ik heb alle trainingen in principe al gedaan, dus als ik gewoon een beetje kan blijven doorhobbelen de komende 10 dagen, dan moet ik maar zien wat er van gaat komen.

Genoeg gezeurd over pijntjes. Een stralende dag maakt veel goed en ik genoot met volle teugen van alles om me heen. Omdat het niet zo hard waaide, kon ik goed luisteren of ik al een blauwborstje kon horen. Helaas niet, maar wel rietzangers (voor het eerst) en rietgorsjes (die waren er al). Ook veel grutto’s en zelfs al een tureluurtje. Omdat het zulk stralend weer was, had ik weer mijn compactje meegenomen om eventueel een foto te kunnen maken van de ooievaars die de vorige keer onzichtbaar op het nest zaten. Deze keer zat mevrouw ook onzichtbaar op het nest. Ik zag alleen haar kopje boven de hoge rand uitsteken. Maar al snel kwam meneer aanvliegen en gaf zijn dame een kopje (en kusje?). Ik vind dat altijd geweldig. Het geklepper van beide vogels en het gedrag als ze elkaar weer zien. Ik kon dus even snel een kiekje maken.

klik voor groot

Woef sleepte de hele weg al met een een of andere kluwen riet. Wil zeker ook een nestje maken. Ook van deze rare vogel dus maar een kiekje gemaakt:

klik voor groot

Onderweg heb ik wat geoefend met tempo en cadans om te kijken wat nu haalbaar zou zijn met die gekke pijn. Ik heb nog niet echt een idee. Komend weekend maar even kijken bij de laatste assignment. Dat is een rustig rondje, waar bij ik even wil kijken hoe het allemaal voelt.

In ieder geval kwam ik terug als blij mens door al het moois buiten. Wat is het toch fijn om zo lekker te kunnen rommelen.

Gegevens:

* totaal 8 km
* temp -2, zonnig
* HR niet gemeten

mrt 149 km – 2013 totaal 524 km

24.03.2013 – hitland – 6,5 km

**24.03.2013 – hitland – 6,5 km**

Na de weekendassignment van afgelopen vrijdag waar ik 14×800-tjes liep, vandaag een heel rustig rondje. Het was vrij koud met een hele koude oostenwind die het nog guurder allemaal deed lijken. Het was bijna te koud om warm te lopen dus ik ben heel rustig begonnen en heb de metronoom aangezet voor kleine pasjes. Ik kon mijn horloge niet eens zien omdat ik zo ingepakt was, en ik heb me alleen geconcentreerd op loophouding, ademhaling (door de buff vanwege de koude wind) en cadans. Maar ik kwam eigenlijk niet goed op bedrijfstemperatuur en het voelde niet ‘soepel’ of ‘lekker’ hoewel het lopen verder prima ging. Ik had dus een kort rondje gepland en heb het daar ook inderdaad bij gelaten. De kans op een blessure is vrij groot met dit soort weer, dus ik vond het wel best zo. Op naar de volgende training.

Gegevens:

* totaal 6,6 km
* temp -2 – harde oosten wind

mrt 141 km – 2013 totaal 516 km

22.03.2013 – assignment 27: 14×800 mtr – totaal 19,5 km

**22.03.2013 – assignment 27: 14×800 mtr – totaal 19,5 km**

What more can I say? I did it! Ik weet nog goed hoe ik in het schema keek, en zag dat de 800-tjes zouden opbouwen tot maar liefst 14×800. Dat klinkt als een ‘eitje’ en dat blijkt het eigenlijk ook te zijn. Een prachtig mentaal spelletje. De vorige keer deed ik 12×800 en toen was ik dik tevreden en weer erg benieuwd naar de 14×800 die ik dus vandaag afrondde. Bijna iedere keer was er wel ‘iets’ tijdens deze training. Heuvels in Schotland, sneeuw, hagel en storm in de UK of een venijnig bruggetje zoals de vorige keer. Vandaag was de uitdaging een koude oosten wind die niet alleen uit het oosten (b)leek te waaien, maar soms ook ineens even vanuit een andere hoek om de deur loerde en blies. Het was verder niet eens gek weer, want er scheen nog een zonnetje ook, maar het was koud met de wind, en warm door de zon. En de wind maakte het voor mij erg zwaar qua ademhaling. Ik vond de training niet eens echt ‘zwaar’, maar wel erg lastig en hoewel ik tevreden ben omdat ik binnen de range ben gebleven, is dit de enige training waarbij ik niet gelijkmatig liep vanwege de wind.

Maar laat ik bij het begin beginnen. Eerst even inlopen. Normaal doe ik 800 meter heel langzaam en ga dan beginnen met wat ik wil doen. Vandaag kon dat niet, want ik had een recht stukje weg uitgekozen door het natuurgebied waarbij ik deels zijwind zou hebben, deels tegenwind. Dat is ook goed terug te zien in de eerste laps. Omdat de wind erg koud was, werd ik maar slecht warm en aangezien ik geen blessure wilde en echt warm wilde zijn, koos ik dus voor een extra rondje om warm te lopen. Ik deed dat in de vorm van RWR zodat ik mijn hartslag een beetje omhoog kon duwen voordat ik zou beginnen met de 800-tjes. Ik heb immers al eerder last gekregen van mijn hartprobleem, dus liever even wat meer tijd besteden aan een goede voorbereiding dan maar. Op een gegeven moment voelde het wel redelijk, en had ik ook mijn ademhaling redelijk onder controle. Even heen en weer hobbelen totdat ik bij het startpunt kwam en even een mentale peptalk houden. ‘Daar gaan we’ en ‘ik kan dit gewoon’. Ik zet de metronoom aan op 175 aangezien ik dat in de UK ook gebruikte tijdens deze training. Vreemd genoeg was de metronoom de vorige keer lager, maar ik wilde deze laatste dan toch op een hogere cadans proberen. Een dubbele uitdaging dus! Ik druk op de lap toets van de Garmin en daar ga ik op weg voor de eerste lap. Windje half tegen en wat valt het tegen! Ik klok af op 4.21 voor de eerste lap. Dat is mooi, want de opdracht was 4.22 en uiteindelijk toewerken naar 4.15. Dat is dus aanzienlijk minder spreiding dan alle voorgaande 800-tjes waarbij ik langzamer moest beginnen en ook ongeveer hier moest eindigen. Een echte uitdaging. De volgende laps gaan allemaal ongeveer net zo hard, waarbij het effect van de wind goed zichtbaar is. Ik ben dus wel tevreden dat ik de eerste 11 laps eigenlijk allemaal wel goed doe, ook al is het een beetje onregelmatig. Het grappige is dat ik steeds tegen mezelf aan het praten was. ‘Als ik hier weer loop, ben ik al op lap 8’ en zo gaat het verder. Je rekent van alles uit in je hoofd, nog zoveel laps, wanneer iets gaan versnellen etc. Ik vind dat wel leuk eerlijk gezegd. Ik was van plan om de laatste 4 laps sneller te doen en te eindigen onder de 4.15. Lap 12 gaat echter helemaal mis doordat ik een ander pad neem en ineens vol de wind tegen heb en ook nog het venijnige bruggetje over moet. Ik zie op mijn horloge dat de tijd ineens terugzakt. Maar kennelijk kan ik nog steeds schakelen want ik besluit de metronoom 1 tikje terug te zetten en daar gaat het dieseltje weer! Lag ik aanvankelijk echt ver achter op ‘schema’ voor deze lap, het lukt me alsnog om in 4.18 te eindigen. Niet de bedoeling maar echt super dat ik dat alsnog kon inhalen. Lap 13 gaat prima op 4.13 en in lap 14 maak ik een ontzettend domme rekenfout. Ik denk over de weg terug te kunnen lopen en vergeet dat het fietspad is afgesloten waardoor ik ineens de weg moet oversteken. Tsja dat is echt zonde, want ik lag zo mooi op schema voor de snelste lap netjes aan het einde en klok uiteindelijk af op 4.15 door een mooie versnelling aan het einde als ik weer door kan lopen. Je moet toch inhouden voor de weg en dat kostte me dus net de laptijd. Geeft niet, ik heb ze allemaal gedaan binnen de range, enkele wat sneller, niets langzamer en ik had gewoon ‘over’ aan het einde. Met het weer in gedachten en de invloed daarvan op hart/longen, ben ik zeker tevreden en na ruim 19.5 km kom ik weer terug bij de auto. Toch een hele afstand zo! Kreukel deed haar best!

Nu even ‘rustig’ aan tot de HM van Berlijn en daarna weer verder voor de M. Over 3 weken staat er dus weer een lange duurloop op het programma. Ik heb er zin in! Dit soort trainingen laten zien wat er allemaal kan, en leren me te doseren en ook om niet op te geven. Zakt het tempo even in? Dan kan je dus schakelen om weer op tempo te komen. De metronoom blijft een waardevol hulpmiddel voor mij. Vandaag stond de cadans weer net buiten de comfort zone en dat maakt het extra waardevol dat het allemaal goed ging vandaag. Op naar de volgende training!

De cijfertjes dan maar van vandaag:

01 – 4’21” – 153 (159) – cadans 176
02 – 4’14” – 152 (162) – cadans 178
03 – 4’19” – 154 (162) – cadans 178
04 – 4’13” – 158 (167) – cadans 176
05 – 4’19” – 160 (169) – cadans 176
06 – 4’16” – 160 (167) – cadans 178
07 – 4’18” – 158 (166) – cadans 178
08 – 4’16” – 160 (170) – cadans 176
09 – 4’20” – 159 (167) – cadans 178
10 – 4’13” – 162 (172) – cadans 178
11 – 4’15” – 165 (173) – cadans 176
12 – 4’18” – 162 (174) – cadans 174
13 – 4’13” – 164 (171) – cadans 176
14 – 4’15” – 166 (174) – cadans 174

Gegevens:

* totaal 19,6 km
* temp 3 – harde oosten wind

mrt 134 km – 2013 totaal 509 km

artikelen: cadans training

**artikelen: cadans training**

In maart 2011 kocht ik het Nederlandstalige boek van Denny Dryer en de metronoom. Grappig dat het precies 2 jaar geleden is dat ik de metronoom kocht, want dat is alweer vrij lang geleden blijkbaar. Over chi running had ik al veel eerder gelezen en in 2011 deed ik ook een workshop pose technique om nog weer meer te leren. Je bent immers nooit uitgeleerd en nooit uitgeoefend en ik moet bekennen dat ik nog steeds niet een ‘eigen’ cadans heb van 180 per minuut. Maar ik kom er inmiddels wel dichtbij, en dat komt waarschijnlijk doordat ik de afgelopen periode weer veel vaker met de metronoom loop en ook weer cadence drills doe in mijn trainingen. Mijn huidige coach (op afstand) heeft dat immers ook in zijn schema’s opgenomen.

Maar hoe train je nou precies op cadans en belangrijker, wat heb je eraan en wat is het belang van cadans training dan?

Voor optimaal hardlopen zijn een heel aantal factoren van belang. Je kunt alles apart trainen en zo toewerken naar een optimale gang. Laat je ook eens een paar keer filmen en kijk kritisch naar de beelden. Wat kan er beter? Onthou daarbij wel dat je nooit helemaal voor niets op die manier loopt. Maar er zijn vast enkele dingen waar je op kunt letten. Loop tijdens het filmen op verschillende snelheden, zodat je goed kunt zien wat de verschillen zijn. Waar kan je allemaal op letten?

* loop rechtop: kruin naar de hemel, blik 4 a 5 meter vooruit gericht dus niet het hoofd naar beneden buigen
* hel vanuit de enkels naar voren, op die manier kan je ook snelheid maken. Knik dus niet vanuit de heupen naar voren, iets dat veel lopers doen
* maak gebruik van de wetten van newton en loop met een freqentie (cadans) tussen de 170 en 180, bij voorkeur rond de 180. Langere mensen zullen dat iets minder makkelijk halen dan kortere mensen
* trek de knie niet te hoog op, dat is nergens voor nodig
* maak geen beweging in het verticale vlak, ook dat is energie verlies. Je wilt immers naar voren en niet naar boven!
* land onder het lichaam en niet voor het lichaam. Als je voor het lichaam landt, rem je in feite af!
* probeer daarbij op de middenvoet te landen en niet via de hiel. Ook landen via de hiel remt af

Toen ik met lopen begon, kon ik er niets van en een cadans van 180 (dat is 90 stappen per been per minuut) was voor mij onbereikbaar. Ik had muziek in een bepaalde beat om mee te oefenen en ik vond aanvankelijk 150 al veel. Twee jaar geleden kocht ik een metronoom en dat is een super middel om cadans mee te oefenen.

Met de metronoom kan je heel gemakkelijk tijdens een training steeds een tandje hoger lopen. Tijdens een lange duurloop gebruik ik de metronoom ook, om ervoor te zorgen dat mijn loophouding optimaal blijft (hoewel je daar onderweg constant aandacht aan moet schenken, zeker als je vermoeid raakt) en ik niet ga sloffen. Inmiddels is mijn cadans een stuk hoger geworden en zit ik bijna aan de 180. dat wil zeggen: ik kan prima op 180 lopen, maar ik kan nog niet varieren met snelheid omdat het lopen op die cadans me nog moeite kost. Op cadans tussen de 170-176 kan ik inmiddels heel gemakkelijk varieren met de snelheid en dat is makkelijk. Volop winst nog te behalen dus en ook mijn basis snelheid zal steeds hoger worden op deze manier.

Waarom dat gezeur over cadans en hoe dan varieren met de snelheid?

Als je loopt, is niet alleen de cadans maar ook de paslengte van belang. Bij paslengte moet je echter wel weer goed opletten waar je landt met de voet, want overstrekken is een belangrijke factor voor een blessure. Oefen dus alles stap voor stap en neem – letterlijk – geen grote sprongen.

Even een reken voorbeeld:

Stel dat je inderdaad met een cadans loopt van 180 stappen per minuut. De cadans houden we in dit eerste rekenvoorbeeld als vast gegeven. Je wilt dus varieren met snelheid, bij gelijkblijvende cadans. Als je met die cadans 6 min/km loopt, is de gemiddelde paslengte 93 centimeter.

De berekening:

1000 m / (snelheid in min/km * cadans) = paslengte in mtr

1000/(6*180)=0,93 dus 93 centimeter

Maar wat gebeurt er nu wanneer je de snelheid wilt varieren bij de cadans van 180 stappen per minuut? Dan neem je dus inderdaad een grotere stap:

tabelletje:

cadans

snelheid in min/km

paslengte in cm

180
6
93
180
5.30
101
180
5
111
180
4.30
123
180
4
139

Het voordeel van trainen met de metronoom is dat je kunt starten op een cadans die nu goed aanvoelt, en dan (zonder te kijken) steeds een klikje geeft waarbij je probeert hetzij even grote passen te blijven nemen. Op die manier verricht je niet veel meer spierarbeid maar je gaat wel sneller. Ga daarbij ook letten op de loophouding (hellen vanuit de kern vanuit de enkels, goede landing etc) en het gaat eigenlijk als vanzelf! Hou dat even vol, en klik de cadans weer terug. Doe dat enkele keren en je zult merken dat de start cadans op een gegeven moment niet meer prettig aanvoelt. OP die manier train je de hogere cadans. Kijk maar eens wat het met de snelheid doet als je traint met een steeds oplopende cadans:

De formule blijft natuurlijk gelijk, alleen varieren we nu met de cadans en niet met de paslengte. Laat ik bij het voorbeeld uitgaan van iemand die 6 min/km loopt en normaal een cadans heeft van 170 passen per minuut. Wat is dan de winst van een hogere cadans?

Even rekenen:

1000 m / (snelheid in min/km * cadans) = paslengte in mtr

1000/(6*170)=0,98 dus 98 centimeter

Je ziet al, dat deze loper al een vrij grote paslengte nodig heeft om deze snelheid te halen! Maar nu gaat de loper op weg met de metronoom en houdt de paslengte ongever gelijk. We krijgen dan het volgende beeld:

tabelletje:

cadans

snelheid in min/km

paslengte in cm

170
6
98
172
5.55
98
174
5.51
98
176
5.48
98
178
5.45
98
180
5.41
98

De snelheid in min/km is een beetje afgerond en het is een kunstmatige berekening, maar het is bedoeld om aan te geven dat er winst te behalen is met een andere cadans zonder dat je al teveel moeite hoeft te doen om de paslengte te vergroten. Daarvoor heb je weer een andere training nodig.

Maar de paslengte kan je dus ook trainen, door te varieren met cadans en snelheid. Bovenstaande tabellen zijn vooral bedoeld om inzicht te geven hoe beide factoren eigenlijk bijdragen aan de snelheid die je kunt behalen.

Het is erg leuk om hier mee te experimenteren tijdens het lopen. Heb je al een cadans van 180? Train dan op paslengte, maar hou daarbij de loophouding goed in de gaten. Heb je de cadans nog niet op 180 of in die buurt? Train op cadans. Train gerust alsof je dribbelt tijdens het trainen op de cadans. Het voelt misschien idioot, maar al snel komt de paslengte erbij naarmate de ademhaling ook beter mee wil.

Ik zal in een volgend artikel iets schrijven over ademhaling en cadans en hoe je met die twee kunt spelen.

Naast de metronoom zijn er dus nog andere hulpmiddelen om te trainen op cadans, zoals de muziek op een bepaalde beat en bepaalde apps. Kijk daarvoor op deze pagina

Onderstaand nog een heel nuttig filmpje over loophouding, cadans etc.

19.03.2013 – cadence drills – totaal 7 km

19.03.2013 – cadence drills – totaal 7 km

Vandaag weer een cadans training gedaan en het gaat steeds makkelijker volgens mij. Ik liep deze keer even naar de ooievaars om een foto te maken (had een compactje mee), maar er zat er eentje bijna onzichtbaar op het nest, misschien al op eieren of bedenkend of het een goed moment zou zijn om een eitje te leggen. Volgende keer nog eens kijken. Nog geen BB gespot maar wel veel rietgorsjes en die zijn ook mooi op tijd.

Dit soort trainingen gaan snel voorbij als je wat varieert met cadans, snelheid, paslengte en loophouding. Maar ik denk wel dat het zinvol is. Ben erg benieuwd naar de training van aankomend weekend, de 14×800 want dat zal de laatste ‘zware’ training zijn voor de HM.

Als die pijn na de valpartij van vorige week nou eens weg zou willen trekken, ben ik helemaal blij. Ik hoop dat de behandeling vandaag daar aan kan bijdragen. We zullen zien.

Gegevens:

* totaal 7,3 km
* temp 6

mrt 115 km – 2013 totaal 489 km